27-07-08

Volkssoevereiniteit, deportaties of multiculturaliteit?

Europa heeft nog nooit zulk een explosieve situatie gekend. Een voorbeeld.

 

  • VN-bestuur vindt Kosovo iets te onafhankelijk

    NEW YORK - (Belga) Het VN-bestuur in Kosovo, UNMIK, beklaagt zich over de (te) kleine rol die de regering in Pristina hem nog toebedeelt. Voor de VN-Veiligheidsraad in New York zei UNMIK-chef Lamberto Zannier vrijdag dat de Kosovaarse Albanezen sedert het in werking treden midden juni van de (door de VN opgestelde) grondwet de macht en verantwoordelijkheid van een "soevereine staat" nastreven.

    "Ook al heb ik krachtens VN-resolutie 1244 de macht om besluiten te nemen, ik heb geen middelen om die in de praktijk om te zetten", betreurde de Italiaanse diplomaat. In grote delen van het landje is zijn "invloed" en autoriteit nagenoeg geheel verdwenen. Wat de zaken er nog ingewikkelder op maakt, is volgens Zannier, die in juni de Duitser Joachim Rücker opvolgde, het uiteengroeien van de Kosovaars-Albanese meerderheid en de Servische minderheid in het noorden van het land/de provincie. De Serviërs hielden er zelfs gemeenteraadsverkiezingen, die door Zannier overigens "ongeldig" werden verklaard. Maar ook de regering in Pristina, die haar bestaan aan de VN te danken heeft, keurt wetgeving goed en neemt beslissingen zonder daarvoor de toestemming van de VN-afgevaardigde te vragen.
    BELGA

Vaak opkomende rechtse kritiek op de onafhankelijkheid van Kosovo is dat Kosovo voornamelijk is geïnfiltreerd geweest door Albanezen, en dat zij na onafhankelijkheid toenadering zullen zorgen tot Albanië, in de vorm van een unionisering, of federalisering, wat een direct gevolg zou hebben op het aantal Islamieten in de EU. Deze kritiek uit terechte angst voor de opkomende Islamisering van Europa en haar Eurocratische globalisten/olligarchen, die enkel maar dromen van de religieuze onderwerping. Machtsverwerving en onderdrukking is van alle tijden, en ook van de onze. Het is volstrekt absurd te denken dat onze Eurocratische leiders het goed met ons voor zouden hebben.

 

De situatie is explosief, en de Islamisering staat voor de deur. Maar wilt dit zeggen dat we in het geval van Kosovo, of van de faciliteitsgemeenten, of ver geïslamiseerde of 'ge-allochtoniseerde' steden het separatistisch en kleinregionalistisch ideaal moeten laten varen? Wetende dat het separatistisch en kleinregionalistisch ideaal spreekt in functie van een bestuur, dichter bij het kleinere volk, en dus het individu. Wetende dat het separatistisch en kleinregionalistisch ideaal spreekt in functie van een definitieve vernietiging van de grote bureaucratische meer-lagen-staat, waar we allen schrik voor zouden moeten hebben (indien we toch IETS zouden hebben geleerd uit de geschiedenis).

 

Neen, de huidige explosieve situatie en de nakende Islamisering zijn allesbehalve een reden om dit separatistisch kleinregionalistisch ideaal te laten varen. Zodoende moet men zich ook niet laten vangen door dergelijke 'moeilijkheden', die artificieel gecreëerd zijn door het opengrenzenbeleid, zowel in de faciliteitsgemeenten (kleine schaal) als in Kosovo (grote schaal).

 

Het is waar dat het moelijk is te stellen dat Kosovaren geen recht op volkssoevereiniteit zouden hebben, omdat hun ouders door politieke wanbeleid zonder integratie dat grondgebied mochten overbevolken met Islamieten, dragers van het expansie-gerichte Islamistische regime. Het is dus moeilijk de huidige (islamitische) burgers te veroordelen omwille van een oude foute politiek, zodoende de oude autochtonen en hun cultuur van oorsprong te beschermen tegen vernietiging.

Men kan individuen immers niet bestraffen voor de fout van het open-grenzen-ideaal en het multiculturalisme.

 

Het is idd een moeilijkheid, maar een moeilijkheid die ideologisch niet toelaat het principe van 'volkssoevereiniteit' te schenden.


Ik pas het geval Kosovo toe op mijn zienswijze van hoe men hiermee als separatist moet omgaan (een kritiek op de veelgehoorde rechtse stelling dat Kosovo geen onafhankelijkheid zou verdienen).

Men moet afleren een reactionaire speelbal van de geschiedenis te willen zijn.

Volkssoevereiniteit is heilig. Volkssoevereiniteit is de weg naar vrede.

Echter is er door het open-grenzen-wanbeleid in vele territoria over de wereld een uiterst explosief mengsel gecreëerd, dat de weg van volkssoevereiniteit in het gedrang brengt - want autochtonen zouden weleens minderheden kunnen worden.

Maar men moet vooral afleren een reactionaire speelbal van de verdorven geschiedenis te zijn.

Het is tijd dat wij ons als individu en als mens, en uiteindelijk als maatschappij, gedragen op een hogere moralistische schaal.
Deze schaal is dat intermenselijk conflict ten alle koste (behalve ten koste van élk individu) bestreden moet worden.

Daarom moet men leren leven met de geleden schade.

Bekijk het als een mensenleven : spijt brengt je nergens verder, leren leven met de spijt is de weg naar een verdere en betere uitbouw van je eigen leven.

Net zo moet men leren leven met de schade is berokkent door de multiculturalisten en de open grenzen.

Met de islamieten die hier leven moeten we verder.

Ik zeg niet dat we met de islam verder moeten, maar wel met de huidige dragers van deze collectieve islam. Zij zijn burgers geworden, in europese staten waar burgerschap zo goed als niet meer bestaat, omwille van de vele verschillende culturele normenstelsels.

Ik zeg niet dat we met de islam verder moeten, maar zeer zeker wel met elk individu op ons grondgebied - tenzij ze weliswaar bewezen crimineel gedrag vertonen.

Individualisme, volkssoevereiniteit, separatisme, anti-collectivisme, republiek en sterke grenzen, allen krachttermen van de toekomst, de krachttermen die de conflictbestrijding in pacht houden.

Elke andere houding - of die nu multicultureel of deportatiegericht is - zal ontaarden in een regelrechte burgeroorlog.

Wie dat nu nog steeds niet inziet is zo blind als een mol.

Conflictbestrijding, nu!!

 

 

03-04-08

Identiteit : Deel 3

Kritiek op het cultureel-links identarisme en het grootgrondgebiedelijk cultureel-rechts identarisme. Deze kritiek komt in DRIE delen.

decoration

Deel 1 : hier

Deel 2 : hier

Deel 3 : over de sterke collectieve staatsidentiteiten en hun positieve invloed op de ontwikkeling van het individu enerzijds en de maatschappelijke harmonie anderzijds

 

5. De sterke collectieve staatsidentiteiten moeten ten dienste staan van de verschillende levensgemeenschappen 

De levensgemeenschappen (één per kleinregionale staat) zijn pas levensvatbaar wanneer het gemeenschappelijk draagvlak wat betreft verwachtingen voor ALLE individuen binnen deze levensgemeenschap geldt. Dit wil zeggen dat elk individu in dusdanige identitaire toestand leeft dat deze kan verwachten hoe het andere individu uit dezelfde identitaire toestand zal reageren op bepaalde evenementen in het dagdagelijkse leven. De sterke collectieve staatsidentiteit staat aldus ten dienste van de levensgemeenschap in die zin dat zij de individuen er toe brengt vredevoller en constructiever met elkaar om te springen in het dagdagelijkse leven.     

  

5a. De sterke collectieve staatsidentiteiten moeten zich projecteren op de relaties tussen de individuen, en dus op het openbloeien van ‘het eigen ik’ van elk individu

Hoe sterker de collectieve staatsidentiteit, hoe sterker de relaties tussen de individuen tot uiting zullen komen in het maatschappelijke samenleven. Deze stelling haal ik uit het rationele besef dat individuen onder een sterke vorm van sociale of culturele cohesie veel diepere relaties ontwikkelen dan onder een zwakke vorm van sociale/culturele cohesie. De sterkte van deze sociale of culturele cohesie zal groter zijn naarmate de Europese kleinregionale volkse Staat over een grotere culturele soevereiniteit beschikken kan. Daarom pleit ik voor een volledige culturele soevereiniteit van de Europese lidstaten.

Hoe sterker dus de relaties tussen de individuen tot uiting komen, hoe meer deze individuen constructief met elkaar zullen interageren, discussiëren, handelen en samenleven. Aldus zou men moeten stellen dat de sterke collectieve staatsidentiteiten ten dienste staan van dit constructief ageren tussen de individuen onderling. Zij zullen m.a.w. meer en meer naar elkaar toegroeien naarmate ze via sterk-monoculturele aangelegenheden met elkaar in contact treden. Aldus zal de sterke collectieve monoculturele staatsidentiteit het openboeien van ‘het eigen ik’ van elk individu stimuleren. Deze stimulatie is te wijten aan het feit dat menselijke individuen ‘karakterieel en identitair openbloeien’ naarmate ze zich kunnen profileren in een bestaande orde van culturele regels, waarden en normen. Dit is in essentie waarom ik eerder heb gesteld dat identiteit slechts een middel is, en geen individueel gegeven waar éénieder zomaar recht op heeft. De sterke collectieve staatsidentiteit is m.a.w. NIET eigen aan het individu zelve, en dus niet individueel, maar louter een middel om dit individu zich te karakterieel en persoonsidentitair te laten gelden en ontplooien binnen de samenleving, waar dat deze ontplooiing louter mogelijk is dankzij de sterke collectieve staatsidentitaire regels, waarden en normen.

 

Photobucket

Aldus is het een logische conclusie dat de heersende monocultuur zal evolueren in functie van de karakteriële ontwikkelingen van de individuen die deze sterke collectieve staatsidentitaire cultuur zijn beginnen dragen. De cultuurevolutie en de instandhouding van de cultuur zal bijgevolg volledig gedragen worden door het bestaan van de individuen binnen deze cultuur zelve.

In een zwakke al dan niet collectieve cultuur, die bovendien nog eens onderworpen is aan de wereldmarkt en het globalisme, zou deze cultuur artificieel gevormd worden, buiten de wil van burgers om, via economische (bvb uitverkoop van eigen culturele instellingen) of beleidsvisionaire actoren (bvb een multiculturele of een GrootRijksdenkende elite aan de macht). In zulk een zwakke al dan niet collectieve cultuur zouden de burgers aldus ontvreemden van het Middel (de cultuur) dat hen bijeen zou moeten houden en hen naar elkaar toe zou moeten laten groeien. Het is dus fundamenteel dat slechts de individuen deze sterke collectieve staatsidentiteit moeten dragen en sturen, en net omwille van het feit dat dit slechts mogelijk is op kleine schaal hangt dit wederom samen met de kleinregionale identitaire en culturalistische staat. 

 

5b. De sterke collectieve staatsidentiteiten moeten zich vertonen in het harmonieus samenleven in de eigen onmiddellijke levensomgeving van elk individu

Photobucket

 

Vermits de menselijke relaties via de sterke collectieve staatsidentiteit sterker tot uiting zullen komen (voorgaande paragraaf) is het een logische conclusie dat dit zich moet voordoen binnen de onmiddellijke levensomgeving van elk individu. Dit is wederom enkel mogelijk binnen de kleinregionale staatssfeer, vermits enkel in de eigen kleine regio de eigen onmiddellijke levensomgeving zichzelf ontwikkelt op basis van menselijke interactie. Vermits de kleine regio met de sterke identiteit garandeert dat het intercultureel conflict onbestaande is zou dit moeten leiden tot een harmonieus samenleven van de individuen binnen de eigen onmiddellijke levensomgeving. Doet er zich echter een conflict voor binnen deze eigen onmiddellijke levensomgeving zal dit tenminste niet een maatschappelijk conflict zijn of verworden, vermits het louter niet om een intercultureel maar louter intermenselijk conflict zou gaan. Dit is conflictbestrijdend politiek denken, gebaseerd op de rationele waarneming wat de mens nu werkelijk is. De uiteindelijke doelstelling en eindmeet van zulk een territoriaal denken dat een grootgrondgebiedelijke confederatie vol van miniscule cultureel-soevereine deelstaten aanhangt is dat het separatisme pas eindigen kan, mag en zal, daar waar het harmonieuze samenleven is bewerkstelligd. Dit is een theorie die het separatistisch gedachtengoed, het vrijheidsstrevende onafhankelijkheidsdenken en het volksnationalistisch en rechts-culturalistisch gedachtengoed stuurt naar een aantrekkelijk, visionair en positivistisch (maatschappelijke harmonie) toekomstideaal.

 

02-04-08

Identiteit : Deel 2

Kritiek op het cultureel-links identarisme en het grootgrondgebiedelijk cultureel-rechts identarisme. Deze kritiek komt in DRIE delen.

decoration

Deel 1 : hier

Deel 2 : over kleinregionale culturele hegemonie (= culturele overheersing) als oplossing voor het niet te negeren feit van de menselijke kuddegeest en over het opwaarderen van de volksidentiteiten

Deel 3 : hier 

 

2. De identiteit dient een collectieve culturele hegemonie (= culturele overheersing) te zijn 

harde integratie

Zonder collectieve identiteit heersen er binnen één samenleving of levensgemeenschap natuurlijkerwijze verschillende collectieve identiteiten/culturen in een niet-hegemonie (omwille van ‘de menselijke kuddementaliteit’, een aspect dat nu eenmaal collectieve sociale structuren creëert). Deze verscheidenheid aan collectieve identiteiten binnen één samenleving zet de collectieven (culturele deelbevolkingen, groeperingen, etnische gemeenschappen) tegen elkaar op – net omwille van het feit dat een collectieve identiteit steeds streeft naar overheersing en verspreiding. Een niet-hegemonie van een bepaalde collectieve identiteit/cultuur zou dus ontaarden in een conflict binnenin de samenleving, waar verschillende kuddes elkaar zullen bestrijden, in meerdere of mindere mate. Dit is een pleidooi voor volksnationalisme, maar gebonden aan de voorwaarde van het streven een zo klein mogelijke regio waarin het volk haar culturele hegemonie (= culturele overheersing) laat gelden – doet er zich geen collectieve culturele hegemonie (en dus intercollectief intercultureel conflict) voor, dringt een verkleining van de culturele regio (staat) zich op, dringt separatisme zich op. Deze voorwaarde is de enige zienswijze die een oplossing biedt die zowel rekening houdt met de menselijke kuddenatuur die streeft naar overheersing van de eigen cultuur enerzijds, en die rekening houdt met het logische feit dat een al te groot grondgebied van de staat zal leiden tot een cultureel conflict binnen de staat. De kleine regio is de enige staatsvorm waarbinnen collectieve culturele hegemonie, en dus een afwezigheid van intercultureel conflict, mogelijk is. Culturele hegemonie/overheersing blijft een menselijke factor waar nu eenmaal rekening moet mee gehouden worden. Het is een dwaasheid van formaat deze constante en menselijke factor te negeren binnen het mensmaatschappelijk denken.

 

3. Het collectief van de collectieve identiteit dient minimaal te zijn.

kleinregionale vlaggen

Hoe kleiner de bevolking – en dus het grondgebied van de cultureel-soevereine deelstaat van het confederale grootgrondgebied – hoe kleiner de kans op intercultureel conflict binnen deze bevolking. Het collectief die een collectieve identiteit aanhangt dient dus minimaal te zijn. Deze redenering moet men koppelen als voorwaarde aan de taak om te streven naar doorgedreven separatisme; hoe meer lidstaten binnen de confederatie, hoe efficiënter een kleinregionaal harmonieus samenleven zal bewerkstelligd worden. Het ‘recht op vrij verkeer van het individu’ (dat louter een gevolg is uit het ‘Recht op Zelfbehoud’) binnen de confederatie en tussenin de cultureel-soevereine lidstaten zou toelaten het intercultureel-conflict op zelfs het kleinste grondgebied af te zwakken, mensen zullen gaan wonen waar gewoond wordt zoals ze willen wonen, waar een meerderheid voor een vorm van leven aanhangt die het cultureel-vluchtende of welzijns-zoekende individu ook aanhangt. Anderen zullen een verloren politieke strijd voeren voor het behoud van hun cultuur in de kleingrondgebiedelijke cultureel-soevereine deelstaat vermits het politiek systeem is gebaseerd op het harmoniseren van het samenleven voor de culturele meerderheid (wat kan verstaan worden onder de cultureel-autochtonen), zodat de identiteit van de weinige ‘cultureel-allochtonen’ geen politiek gevaar vormt voor de bevestiging, versterking, uitbouw en overheersing van de cultuur van de ‘cultureel-autochtonen’ – dit met het evidente ‘recht op het kunnen leven zoals men leven wil’ in gedachte houdende. De drang naar ‘de verspreiding van de eigen cultuur’ wordt niet alleen geremd, maar volledig gestopt via het ‘recht te kunnen leven zoals men leven wil’ van alle cultureel-soevereine deelstaten in de confederatie – het confederaal territorialiteitsbeginsel.

 

4. De Europese collectieve identiteiten dienen te worden opgewaardeerd, en niet afgebrokkeld

opwaardering identiteit

De Europese Unie streeft naar het ‘uitroeien van de volksgebonden identiteiten en culturen’ en naar het implementeren van ‘een unitaire Europese cultuur en identiteit op grootgrondgebiedelijke schaal’. Zoals eerder uitgelegd is dit een fantasietje dat nooit bewerkstelligd zal kunnen worden, vermits culturen en identiteiten nu eenmaal steeds streven naar overheersing en verspreiding. Volkse culturen en identiteiten vallen gewoonweg nooit of te nimmer uit te roeien, en om dezen nu net als ‘oorzaak van alle kwaad’ te aanschouwen is aldus niet echt hoopvol vermits men dan een zogenaamd ‘kwaad’ zal trachten uit te roeien dat gewoonweg niet uit te roeien valt (zoals eerder gesteld zal culturele onthechting immers een reactionaire identitaire strijd stimuleren). Het komt er dus op neer om dat wat Europa ‘het kwaad’ (volkse culturen en identiteiten) noemt en niet uit te roeien valt te laten bestaan, en deze culturen en identiteiten om te zetten in ‘iets goeds’. Dat heet constructief politiek denken.

Indien culturele onthechting het reactionaire (cultureel-rechtse) identitarisme net stimuleert zouden de vijanden van de volkse identiteiten en culturen (de multiculturalisten, globalisten en andersglobalisten) net moeten stoppen met culturele onthechting te stimuleren. De vijanden van volkse identiteiten en culturen zijn aldus in feite de voedbodem van hetgeen ze bestrijden; dat is allesbehalve constructief denken en handelen.

Ondertussen zouden de cultureel-rechtsen, de rationalisten en de culturalisten, alsook de maatschappelijk-harmonisten, moeten streven naar een versterking van de eigen cultuur en identiteit, omdat deze versterking de culturele onthechting tegenwerkt en maatschappelijke harmonie stimuleert – zij het in een nieuw politiek-geografisch systeem dat niet meer uitgaat van de Europese federale gecentraliseerde en grootgrondgebiedelijke gedachte, maar liefst zou uitgaan van een Europese confederale gedecentraliseerde gedachte waarbinnen de deelstaten zo veel mogelijk het doorgedreven separatisme aanhangen.

Deel 3 : hier