28-06-08

Olivier Maingain, de zelfbenoemde 'liberaal'

FDF-voorzitter Olivier Maingain speelt manipulatief spelletje

decoration Voor de voorzitter van het FDF Olivier Maingain voert Vlaanderen het programma van het Vlaams Belang uit door mensen te discrimineren op basis van taal. Hij vraagt de Vlaamse partijen de reglementen te veroordelen die uitsluiten op basis van taal.

Maingain zegt dat de internationale conventies stellen dat het taalcriterium geen voorwaarde mag zijn in verband met het uitoefenen van de basisrechten. Hij verwijst naar het verkrijgen van een eigendom en naar sociale bijstand. Om de onderhandelingen over een staatshervorming tot een goed einde te brengen, moeten Franstaligen en Vlamingen volgens Maingain "de basisrechten op dezelfde manier lezen".


De FDF-voorzitter reageert positief op Groen!, dat de taalvoorwaarden uit de Vlaamse Wooncode wil herzien. Hij vraagt de andere Vlaamse partijen te zeggen dat "die methodes voor eeuwig verbannen zullen worden" en hun lokale mandatarissen onder druk te zetten de maatregelen in te trekken. "Uiteindelijk wordt hier een beleid gevoerd het Vlaams Belang waardig: mensen uitsluiten op basis van taal, dat is wat het Belang voorstelt in zijn programma", besluit Maingain. (belga/tdb)

Het moet gezegd worden dat Olivier Maingain goed kan zeggen hoe het feitelijk niet is. Zo stelt de man dat het discrimineren van bepaalde bevolkingsgroepen in hun dagdagelijkse doen en laten een typisch VB-discours is. Niets is minder waar. De grote scheidingslijn tussen het discours van het VB en het discours van de andere één-pot-nat-partijen is het al dan niet bepleiten van sterke grenzen (integratiebeleid, tewerkstellingsbeleid).

Het VB is zowat de énige partij die pleit voor sterke grenzen, terwijl de andere pleiten voor zwakke grenzen. En laat je niet verwarren, IK-partijen als deze van Jean-Marie Dedecker of Nicolas Sarkozy zijn niets meer dan partijen die rechtse verkiezingspraat verkondigen, maar in het parlement én in de kleine lettertjes van hun programma met linkse hand (zullen) regeren, en uiteindelijk de grenzen nog wat meer open trekken.

Nu, waarom breng ik de sterkte van de staatsgrenzen nu in verband met het discrimineren van bepaalde bevolkingsgroepen? Omdat het ene een directe invloed heeft op het andere. Ik leg uit :

Hoe sterker de staatsgrenzen (integratiebleid, tewerkstellingsbeleid) zijn, hoe minder sociale problematiek er heersen zal tussen de verschillende bevolkingsgroepen (van verschillende etnische afkomst). Hoe minder sociale problematiek er heerst tussen de verschillende bevolkingsgroepen, hoe minder noodzaak er zal zijn aan maatregelen om deze sociale ongelijkheid de wereld uit te helpen (en dit om zowel cultuurprotectionistische als economische redenen).  En uiteindelijk; hoe minder sociale maatregelen nodig zijn, hoe minder sterk er zal moeten gediscrimineerd worden op vlak van sociale kwesties, en mbt dit voorbeeld op het vlak van de woningmarkt. 

In deze materie maak ik dus géén onderscheid tussen positieve of negatieve discriminatie, begrijpende dat positieve discriminatie en negatieve discriminatie onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn : zo is het bevoordelen van de ene groep per definitie het benadelen van de andere groep.

Vice versa kan men nét dezelfde redering volgen en concluderen dat hoe zwakker de staatsgrenzen zijn, hoe sterker de benodigde discriminatie op vlak van sociale kwesties zal moeten zijn.

Nu heb je in het politieke spectrum één grote breuklijn : collectivisme versus individualisme.

Het eerste, collectivisme, gaat uit van de verschillende bevolkingsgroepen en zal aldus deze verschillende bevolkingsgroepen verschillend gaan benaderen met behulp van bvb positieve of negatieve discriminatie.

Het tweede, individualisme, gaat er van uit dat de wet op gelijkmatige wijze van toepassing is op élk individu uit de samenleving.

Aldus kan men via het inzicht dat sterke grenzen minder discriminatie nodig maken concluderen dat sterke grenzen in principe HET streefdoel van de vrijheidsgezinde individualisten zou moeten zijn.


decoration

En nu trek ik deze conclusie terug in verband met de stelling van Olivier Maingain dat zulke (taal-)discriminatoire maatregelen typische VlaamsBelang-maatregelen zouden zijn. 

Akkoord, het is waar dat het Vlaams Belang steevast meestemt met zulke maatregelen, maar dit is louter een cultuurprotectionistisch gevolg van het feit dat de grenzen van deze staat al zovele decennia worden opengetrokken tot in het absurde toe. Want inderdaad, wanneer sterke landsgrenzen (integratiebeleid, tewerkstellingsbeleid) niet bestaan, dan is de énige laatste cultuurprotectionistische en economisch-protectionistische stellingname die nog enig iets helpen kan discriminatie van bevolkingsgroepen.

Dit is dus de reden waarom ik stel dat extreemrechts de individualistische toer op moet gaan, vermits zowel extreemrechts als het (ultra-vrijheidsgezinde) individualisme wel varen bij het sluiten van de grenzen; het is hun beider raakvlak.

En laat deze zelfverklaarde liberalen als Maingain, Verhofstadt of aanhangers maar in de waan dat zij vrijheidsstrijders zijn, terwijl ze nét zélf de grenzen openstellen, en dus discriminatie van deelcollectieven van de voltallige bevolking STIMULEREN.

Het nieuwe Verzet is in de opmars - in naam van de vrijheidsstrijd - en dit keer komt zij uit rechts-nationalistische hoek. Laat ons samen strijden tégen het openstellen van de grenzen, en laat ons voorlopig nog éven het zware interculturele én sociale conflict waar we op afstevenen uitstellen door hier en daar nog enkele cultuurprotectionistische wetten toe te passen.

Of hoe ik eigenlijk stel dat Olivier Maingain niets anders is als een Franstalig kind op een tweetalige school dat jaren lang een vlaamstalig kind heeft uitgesloten op de speelplaats, en vervolgens, wanneer na al die jaren dat Vlaamstalige kind een steek teruggeeft, Franstalig Maingainke gaat klagen bij Meester Europa dat het allemaal niet eerlijk is...

Maingain is een manipulator, hij is een zoveelste zelfbenoemde liberaal die zélf de oorzaak is van het verval van de vrijheid van het individu. En dat vervak uit zich op zovele manieren... zowel op het vlak van discriminatie en collectivisme, maar ook op het vlak van socialisering, veiligheidsmaatregelen, herverdeling... 

Daarom : sluit de grenzen NU! En Lang Leve het Europa der Volkeren!

 

 

21-04-08

Onderscheid collectivisme en individualisme

Cultureel-rechts individualisme is de weg naar conflictbestrijdend denken. 

Cultureel-links is ontsproten uit het collectivistische denken. Dit is een betoog dat weergeeft waar het fundamenteel verschil tussen het collectivisme en het individualisme in feite ligt, dit terwille het cultureel-rechtse individualistische denken aannemelijker te maken.

 
Ikzelf (cultureel-rechtseling) ga uit van het ONgelijkheidsbeginsel - iedereen is anders, draagt andere waarden en normen met zich mee (zeker het geval binnen een multi-etnische samenleving), heeft andere kwaliteiten, heeft andere (soortelijke) intelligenties, enzovoorts.

Volgens mij heeft politiek slechts één tweezijdig doel : het stimuleren van maatschappelijke harmonie (dwz. harmonieus samenleven tussen alle burgers) enerzijds

Maatschappelijke harmonie kan men enkel bewerkstelligen door het bestrijden van alle vormen van maatschappelijk conflict. En dus ook interpersoonlijk conflict. Dit conflict kan dus zowel inter-individueel als inter-collectief plaatsvinden.

decorationDe huidige samenleving, systeem, sociologen gaan er van uit dat iedereen wél gelijk is, of toch wenselijk dient te zijn. Dit is echter een wereldvreemd denken. Zij hangen allen het gelijkheidsbeginsel aan.

 
Het gelijkheidsbeginsel heeft negatieve gevolgen voor het streven naar maatschappelijke harmonie.

Zo ligt het gelijkheidsbeginsel aan de basis van talloze mensenrechten die louter cultureel en tijdsgebonden zijn, maar allesbehalve universeel (bvb het recht op religie dat het individu/collectief schaadt en conflict stimuleert).
Heel ons recht is op het gelijkheidsbeginsel gebaseerd en aldus collectivistisch ingesteld : zij schrijft collectieve wetten en collectieve straffen en wanneer individuen deze collectieve wetten schenden zullen zij idealiter deze collectieve straffen over zich heen krijgen. Dit impliceert allerlei onrechtvaardigheden en daarom vindt men allerhande regeltjes uit mbt bvb toerekeningsvatbaarheid, voorbedachte rade, enzovoorts. Ik sta achter het individualistisch recht waar de dader wordt aangepakt op zijn invloed op het individuele en dus universele mensenrecht 'het Recht op Zelfbehoud'. In een samenleving waar dit universeel (en niet-cultureel gebonden, noch tijdsgebonden) unieke Mensenrecht nooit wordt geschonden heerst geen interindividueel of intercollectief conflict, maar slechts maatschappelijke harmonie.
Het gelijkheidsideaal laat bvb ook democratie toe - democratie is en blijft een stelsel dat conflict stimuleert, of toch tenminste groepen tegen elkaar opzet.
Het gelijkheidsbeginsel laat bvb ook toe dat ons onderwijssysteem ervan uitgaat dat iedereen gelijk is en dezelfde intelligenties bezit - ons onderwijs onderwijst elk kind op eenzelfde manier en met dezelfde stof/interessegebieden. Onze kinderen worden niet onderwezen in het vergroten van hun potentieel door hun persoonlijke sterke kanten en intelligenties te ontwikkelen, maar worden onderwezen in een 'leerplan' dat een allegaartje van collectieve kwaliteiten doet vergroten.

Het gelijkheidsbeginsel laat toe dat ook onze economie ervan uitgaat dat iederéen gelijk dient te zijn, bvb man en vrouw. Dit heeft bvb als gevolg dat men gemakkelijker de opvoeding van het eigen kind opgeeft voor carriërekeuzes, veelal uit louter financiële noodzaak. decorationEen ander pervers effect van het gelijkheidsbeginsel in ons economisch systeem is dat we in Vlaanderen bvb met een economie zitten die gemaakt is voor en door de blanke vlamingen, aangepast op onze gezamenlijke collectieve blanke vlaamse kwaliteiten - dit maakt het extra moeilijk voor bvb individuen van een andere etnische afkomst om hun persoonlijke en cultureel-meegegeven kwaliteiten te ontwikkelen in de economie; gevolg zijn etnisch-economische klassen = conflict.

En zo kan ik blijven doorgaan over zowat elk maatschappelijk aspect : het gelijkheidsbeginsel zet steeds collectieven en individuen tegen elkaar op, direct of indirect.



Vermits cultureel-rechts de verdedigingslinie wordt tégen intercultureel conflict zal cultureel-rechts ten aanzien van het collectivisme naast verdedigingslinie tevens neigen een aanvalslinie te worden. Individualisme moet en zal de factor zijn die het irrationele collectivisme aanvallen zal.


Een cultureel-rechts collectivistisch denken streeft naar het verdedigen van de eigen kudde - en aldus zal zij intercultureel conflict stimuleren (dankzij de vreselijke fout van de multicul), zij zal deel uitmaken van de culturele oorlog tussen de identitaire collectieven.

Een individualistisch cultureel-rechts kan aanspraak maken op extra wetenschappelijke (zoals bvb het onderzoek naar het waarom dat vrouwen nu vaker thuisblijven voor het kind ipv te werken = ongelijkheidsdenken) en rationalistische argumenten (bvb de individuele allochtoon aanspreken dat de multicul in zijn eigen nadeel werkt, als je een collectief als 'de moslims' of 'de turkse gemeenschap' aanspreekt hierop zal je geen gehoor krijgen).
Een individualistisch cultureel-rechts denken streeft niet naar het verdedigen van de eigen kudde maar naar het verdedigen van totale maatschappelijke harmonie, en dus naar het verdedigen van élk individu (ipv een deelbevolking = eigen kudde) - en aldus zal zij pogen intercultureel conflict te verminderen, zij zal trachten de culturele oorlog tussen de identitaire collectieven op te heffen, niet via een multicul-waanbeeld maar via een rationalistisch wetenschappelijk beschouwen van wat de mens nu nét is : en dat impliceert een beschouwen van de mens als een uniek en ongelijk individu.

Ik heb het over een doorgedreven rationalisme, ik heb het over ongelijkheidswetenschap. Ik heb het over een Tweede Verlichting.

Ik heb het enkel over cultureel-rechts omdat cultureel-rechts nu eenmaal als enige aanspraak kan maken op het ongelijkheidsdenken. Vrijheidsstrevers (zoals de liberalen van 2 eeuwen terug) kunnen daar ook aanspraak op maken, als ze bereid zijn rationeel en ongelijk de mens te gaan beschouwen.

Samengevat :
- een collectivist denkt in termen van het gelijkheidsbeginsel, denkt irrationeel en kan geen aanspraak maken op een Tweede Verlichting, waardoor hij niet op een adequate manier het intercollectief conflict kan trachten te verwijderen.
- een individualist denkt in termen van het ONgelijkheidsbeginsel, denkt rationeel en kan wél aanspraak maken op een Tweede
Verlichting, waardoor hij wél op een adequate manier het intercollectief conflict kan trachten te verwijderen.



De samenleving is meer dan de delen alleen, maar dat impliceert niet noodzakelijk het collectivistisch denken als gerechtmatigde denken.

decoration

Akkoord - 'een samenleving is meer als louter de delen (individuen)'... je hebt immers ook sociale netwerken tussen deze individuen. Maar dien je daarom het collectivistische denken aan te hangen. Allesbehalve. Wenselijk zou zijn dat eerst zou weten wat die delen nu nét zijn/inhouden vooraleer je dat 'meer' (deze sociale netwerken) kan toelaten zichzelve te ontwikkelen (ik denk hier bvb aan religieuze netwerken). Sociale netwerken hebben voornamelijk conflictueuze gevolgen - en dat ontgaat de huidige politici, gelijkheidsdenkers, sociologen volledig.
Een sociaal netwerk is idealiter uniek en alleenstaand over het gehele grondgebied, over het gehele arbeids- en woongebied, over het gehele politieke gebied; want dan heerst er geen intercollectief conflict (of geen conflict tussen verscheidene sociale netwerken. Dit kan trouwens enkel in een kleinregionalistisch, cultureel-soeverein (monocultureel) en volksparlementair gebied binnen een vredevolle grootgrondgebiedelijke confederatie.

In naam van de conflictbestrijding.

19-04-08

Kritiek op links-collectivistisch solidariteitsideaal (mbv. Hegel)

De bewustzijnsfilosofie van Hegel als vernietigende logica voor het economisch-links-collectivistisch solidariteitsideaal.

Dit is een logische redering uitgewerkt met behulp van de bewustzijnsfilosofie van Hegel om het linkse solidariteitsideaal, dat steunt op het gelijkheidsbeginsel, onderuit te halen. Ook haalt deze theorie het principe van ontwikkelingshulp onderuit. Ontwikkelingshulp is evenals collectieve solidariteit mijn inziens een gevaarlijk principe dat niet zomaar mag uitgevoerd worden omwille van maar al te gemakkelijke ongewenste en averechtse effecten. Zo leidt solidariteit maar al te gemakkelijk tot armoedebestendiging, economisch en cultureel verval en een heus profitariaat - ondanks de goede bedoelingen van de solidairen. Zo leidt ontwikkelingshulp eveneens maar al te gemakkelijk tot armoedebestendiging, verdoving van de publieke opinie in het ontwikkelingsland en een heus internationaal profitariaat.

Nu volgt mijn redenering die steunt op Hegels filosofie :

Volgens Hegel doet elk individu doorheen zijn leven aan waarheidsbevinding. Het is het zoeken naar de waarheid die schuil gaat achter het leven. Deze zoektocht deelt hij onder in verschillende stadia. Het tweede stadium is deze van het zelfbewustzijn, dit treedt op wanneer men inziet dat ook andere individuen een eigen bewustzijn vertonen (= het optreden van het respect voor de ander). Door deze interactie tussen verschillende 'ik'-personen treed er een interpersoonlijk conflict in werking tussen de verschillende individuen. Dit conflict leidt volgens het monetair overlevingsstelsel tot een bepaalde verhouding tussen deze twee individuen. Dit ontaardt in een toestand waar de één de meester is over de ander en de ander de knecht is onder de één. Dit noemt Hegel de Meester-Knecht-Dialectiek.


decorationHegel stelt (terecht) vast dat de persoon in de toestand van de Meester stagneert in de ontwikkeling van zijn zelfbewustzijn - deze blijft immers in het vroegere stadium van zelfbewustzijn vertoeven dat nog niet heeft leren leven met het feit dat ook anderen zelfbewust zijn en staan op hun eigen onafhankelijkheid; de Meester denkt maw dat hij nog steeds een onafhankelijke is (wat absurd is vermits hij de knecht nodig heeft). De Meester staat dus achtergesteld in de ontwikkeling van zijn zelfbewustzijn.


De Knecht daarentegen (de ondergeschikte) is in staat om meer en meer zelfbewustzijn en zoektocht naar de waarheid achter de dingen te vervolledigen. De ontwikkeling van zijn zelfbewustzijn gaat verder omwille van het feit dat deze nu duidelijk en hard wordt geconfronteerd met het feit dat hij niet onafhankelijk is als individu, maar wel degelijk afhankelijk. Dat is een meer zelfbewuste vorm van besef dan het besef van de Meester die nog steeds in de waan blijft dat hij een individueel onafhankelijk schepsel is in zijn interactiemilieu.

Dit is een versimpelde maar correcte analyse van de zelfbewustwording van het individu in een conflictgebonden monetair stelsel.

Dit Hegeliaans denken ga ik nu afschieten op de VRAAG waarom het nu net komt dat het linkse solidariteitsideaal nu toch steeds deze ongewenste effecten naar voren doet treden . Waarom werkt het linkse solidariteitsideaal averechts op lange termijn?

Antwoord

Solidariteit draait verkeerd uit (profitariaat, economisch verval, cultureel verval, verval onderwijsniveau, armoede, ...) indien de arbeidscapabele uitkering-trekkende (die dus in staat zou moeten zijn toch wel iets te presteren binnen de economie) in de rol van de Meester terechtkomt, terwijl de uitkering-betalende in de rol van de Knecht terechtkomt.
Deze toekenning van rollen zal steeds voorkomen in de staat met een collectivistische opvatting, met een collectivistisch geïnspireerde solidariteit. Getuige daarvan zowat alle sociaaldemocratiën.

De Knecht zou volgens Hegel immers de aanzet moeten krijgen tot een betere ontwikkeling van het zelfbewustzijn (want hij breekt nu met zijn autonoom bewustzijn, hij breekt met het besef dat hij een onafhankelijk individu is - terwijl de Meester dat niet doet).
Maar in onze samenleving zien we een pervers effect : de arbeidende blijkt de Knecht te zijn (immers : de arbeidende klasse blijkt in de sociaaldemocratiën zelfbewuster te zijn) en de uitkering-trekkenden blijken de Meester te zijn (immers : heeft in de sociaaldemocratiën een achtergesteld zelfbewustzijn, een oppervlakkerige visie op mens en maatschappij). Dit leidt ik dus af uit Hegels niet te ondergraven logica.

 

decorationHet perverse effect houdt in feite in dat de arbeidende klasse (de Knechten) de economische activiteit LEIDT (in beweging houdt), terwijl de niet-arbeidende klasse (de Meesters) zelfs niet eens meer leiden moet, niets moet en enkel profiteren moet (kan). DIT feit dat de uitkering-trekkenden géén enkele dwang tot eigen inbreng aan de economie voelen kunnen of voelen mogen (dankzij het collectivistische linkse solidariteitsideaal) bewerkstelligd een neerwaartse spiraal wat betreft kennisverwerving, een neerwaartse spiraal van ontwikkeling van het eigen individuele zelfbewustzijn en een neerwaartse spiraal van welvaart en koopkracht bij de Meestersklasse (uitkering-trekkenden).

Conclusie :

De niet tegen te spreken logische redenering van Hegel (de Meester-Knecht-dialectiek) BEWIJST dat het collectivistische en linkse solidariteits-ideaal enkel kan uitmonden in perverse effecten, en dat gebeurt net omwille van het feit dat de steun-trekkende in de rol van de Meester (onafhankelijk-voelende) wordt geduwd.
De linkse en op gelijkheidsbeginsel steunende collectivistische opvatting dat elk lid van de samenleving moet gesteund worden door de gehele samenleving - zonder of amper met voorwaarden - wordt aldus onderuitgehaald mbv Hegel, ironisch genoeg een door de economisch-linkse kaste hoog gewaardeerd denker.

Net die collectivistische opvatting ligt immers aan de basis waarom de steuntrekkende in de Meesterrol wordt geduwd : zij ontneemt de kans aan de steuntrekkende om door te groeien in zijn zelfbewustzijn, zij ontneemt de steuntrekkende het gevoel van afhankelijkheiddecoration door niets in de plaats te vragen. Of hoe een morele 'verworvenheid' in het rationele nadeel kan vervallen. 

Een mooi voorbeeld is Wallonië, waar de links-collectivistische solidariteit al 30 jaren hoogdagen viert (mede dankzij de gigantische transfers vanuit Vlaanderen en het federale systeem) - doch enkel en alleen het tegenovergestelde bewerkstelligd.


Men mag het rationele denken binnen de politiek niet ontkennen. Collectivistische solidariteit moet door élke rationalist bekritiseerd worden.