24-07-08

België als confederatie?

Federatie, confederatie of onafhankelijke republieken?

zit ik juist als ik stel dat separatisme een politieke beweging/strijd is die streeft naar méér onafhankelijkheid en méér zelfbestuur, terwijl de uitkomst van deze strijd zoiezo het confederale model blijkt te zijn - volgens wat we hebben kunnen zien doorheen de geschiedenis?

maar een confederatie kan ik niet zien voortvloeien uit een federale staat, vermits de machtsbelangen dan immers binnen het voortbestaan van de grootgrondgebiedelijke unie zitten.

een confederatie zie ik enkel ontstaan uit een volledig zelfbestuur, dat later gezamenlijke belangen ziet met andere onafhankelijke buurstaten - niet dat ik voorstander ben van de confederatie zoals wij ze kennen

het gevaar van een belgische confederatie is dat ze toelaat dat de unioniserende krachten nog steeds een wettelijke macht en strijd kunnen uitvoeren in de parlementen

in de confederatie kan gemakkelijk een unioniserende 'integratie' plaatsvinden die leidt tot de unie. maw, verdragen worden gemakkelijk omgezet in supranationale instellingen, ofte, de confederatie wordt gemakkelijk terug omgezet in de federatie.

In de vlaamse onafhankelijkheidsstrijd is het aldus aangewezen geen genoegen te nemen met een confederaal belgië

Men zou in de toekomst in élke onafhankelijke republiek grondwettelijk moeten vaststellen dat het ontoelaatbaar is supranationale instellingen te installeren, en alle samenwerking te laten baseren op samenwerkingsverdragen.

Enkel dan wordt het gevaar van de grootgrondgebiedelijke grote staat waar het kleine individu niets meer te zeggen heeft ontweken, en enkel dan wordt politiek terug gevoerd rond de politieke discussie, en niet rond de communautaire machtsspelletjes. Het onafhankelijkheidsstreven is een strijd tegen het politieke tijdsverlies in zaken die er toch niet toe doen... want geef toe, wat hebben we nu aan unionaire belgicistische en europeanistische vlaggenzwaaiers?

19-04-08

Kritiek op links-collectivistisch solidariteitsideaal (mbv. Hegel)

De bewustzijnsfilosofie van Hegel als vernietigende logica voor het economisch-links-collectivistisch solidariteitsideaal.

Dit is een logische redering uitgewerkt met behulp van de bewustzijnsfilosofie van Hegel om het linkse solidariteitsideaal, dat steunt op het gelijkheidsbeginsel, onderuit te halen. Ook haalt deze theorie het principe van ontwikkelingshulp onderuit. Ontwikkelingshulp is evenals collectieve solidariteit mijn inziens een gevaarlijk principe dat niet zomaar mag uitgevoerd worden omwille van maar al te gemakkelijke ongewenste en averechtse effecten. Zo leidt solidariteit maar al te gemakkelijk tot armoedebestendiging, economisch en cultureel verval en een heus profitariaat - ondanks de goede bedoelingen van de solidairen. Zo leidt ontwikkelingshulp eveneens maar al te gemakkelijk tot armoedebestendiging, verdoving van de publieke opinie in het ontwikkelingsland en een heus internationaal profitariaat.

Nu volgt mijn redenering die steunt op Hegels filosofie :

Volgens Hegel doet elk individu doorheen zijn leven aan waarheidsbevinding. Het is het zoeken naar de waarheid die schuil gaat achter het leven. Deze zoektocht deelt hij onder in verschillende stadia. Het tweede stadium is deze van het zelfbewustzijn, dit treedt op wanneer men inziet dat ook andere individuen een eigen bewustzijn vertonen (= het optreden van het respect voor de ander). Door deze interactie tussen verschillende 'ik'-personen treed er een interpersoonlijk conflict in werking tussen de verschillende individuen. Dit conflict leidt volgens het monetair overlevingsstelsel tot een bepaalde verhouding tussen deze twee individuen. Dit ontaardt in een toestand waar de één de meester is over de ander en de ander de knecht is onder de één. Dit noemt Hegel de Meester-Knecht-Dialectiek.


decorationHegel stelt (terecht) vast dat de persoon in de toestand van de Meester stagneert in de ontwikkeling van zijn zelfbewustzijn - deze blijft immers in het vroegere stadium van zelfbewustzijn vertoeven dat nog niet heeft leren leven met het feit dat ook anderen zelfbewust zijn en staan op hun eigen onafhankelijkheid; de Meester denkt maw dat hij nog steeds een onafhankelijke is (wat absurd is vermits hij de knecht nodig heeft). De Meester staat dus achtergesteld in de ontwikkeling van zijn zelfbewustzijn.


De Knecht daarentegen (de ondergeschikte) is in staat om meer en meer zelfbewustzijn en zoektocht naar de waarheid achter de dingen te vervolledigen. De ontwikkeling van zijn zelfbewustzijn gaat verder omwille van het feit dat deze nu duidelijk en hard wordt geconfronteerd met het feit dat hij niet onafhankelijk is als individu, maar wel degelijk afhankelijk. Dat is een meer zelfbewuste vorm van besef dan het besef van de Meester die nog steeds in de waan blijft dat hij een individueel onafhankelijk schepsel is in zijn interactiemilieu.

Dit is een versimpelde maar correcte analyse van de zelfbewustwording van het individu in een conflictgebonden monetair stelsel.

Dit Hegeliaans denken ga ik nu afschieten op de VRAAG waarom het nu net komt dat het linkse solidariteitsideaal nu toch steeds deze ongewenste effecten naar voren doet treden . Waarom werkt het linkse solidariteitsideaal averechts op lange termijn?

Antwoord

Solidariteit draait verkeerd uit (profitariaat, economisch verval, cultureel verval, verval onderwijsniveau, armoede, ...) indien de arbeidscapabele uitkering-trekkende (die dus in staat zou moeten zijn toch wel iets te presteren binnen de economie) in de rol van de Meester terechtkomt, terwijl de uitkering-betalende in de rol van de Knecht terechtkomt.
Deze toekenning van rollen zal steeds voorkomen in de staat met een collectivistische opvatting, met een collectivistisch geïnspireerde solidariteit. Getuige daarvan zowat alle sociaaldemocratiën.

De Knecht zou volgens Hegel immers de aanzet moeten krijgen tot een betere ontwikkeling van het zelfbewustzijn (want hij breekt nu met zijn autonoom bewustzijn, hij breekt met het besef dat hij een onafhankelijk individu is - terwijl de Meester dat niet doet).
Maar in onze samenleving zien we een pervers effect : de arbeidende blijkt de Knecht te zijn (immers : de arbeidende klasse blijkt in de sociaaldemocratiën zelfbewuster te zijn) en de uitkering-trekkenden blijken de Meester te zijn (immers : heeft in de sociaaldemocratiën een achtergesteld zelfbewustzijn, een oppervlakkerige visie op mens en maatschappij). Dit leidt ik dus af uit Hegels niet te ondergraven logica.

 

decorationHet perverse effect houdt in feite in dat de arbeidende klasse (de Knechten) de economische activiteit LEIDT (in beweging houdt), terwijl de niet-arbeidende klasse (de Meesters) zelfs niet eens meer leiden moet, niets moet en enkel profiteren moet (kan). DIT feit dat de uitkering-trekkenden géén enkele dwang tot eigen inbreng aan de economie voelen kunnen of voelen mogen (dankzij het collectivistische linkse solidariteitsideaal) bewerkstelligd een neerwaartse spiraal wat betreft kennisverwerving, een neerwaartse spiraal van ontwikkeling van het eigen individuele zelfbewustzijn en een neerwaartse spiraal van welvaart en koopkracht bij de Meestersklasse (uitkering-trekkenden).

Conclusie :

De niet tegen te spreken logische redenering van Hegel (de Meester-Knecht-dialectiek) BEWIJST dat het collectivistische en linkse solidariteits-ideaal enkel kan uitmonden in perverse effecten, en dat gebeurt net omwille van het feit dat de steun-trekkende in de rol van de Meester (onafhankelijk-voelende) wordt geduwd.
De linkse en op gelijkheidsbeginsel steunende collectivistische opvatting dat elk lid van de samenleving moet gesteund worden door de gehele samenleving - zonder of amper met voorwaarden - wordt aldus onderuitgehaald mbv Hegel, ironisch genoeg een door de economisch-linkse kaste hoog gewaardeerd denker.

Net die collectivistische opvatting ligt immers aan de basis waarom de steuntrekkende in de Meesterrol wordt geduwd : zij ontneemt de kans aan de steuntrekkende om door te groeien in zijn zelfbewustzijn, zij ontneemt de steuntrekkende het gevoel van afhankelijkheiddecoration door niets in de plaats te vragen. Of hoe een morele 'verworvenheid' in het rationele nadeel kan vervallen. 

Een mooi voorbeeld is Wallonië, waar de links-collectivistische solidariteit al 30 jaren hoogdagen viert (mede dankzij de gigantische transfers vanuit Vlaanderen en het federale systeem) - doch enkel en alleen het tegenovergestelde bewerkstelligd.


Men mag het rationele denken binnen de politiek niet ontkennen. Collectivistische solidariteit moet door élke rationalist bekritiseerd worden.

05-04-08

Verkiezingen laten samenvallen of niet?

Premier Leterme - de man die ontzettend graag zwaait met de woordjes 'goed bestuur' - pleit voor het laten samenvallen van de verkiezingen, maar leidt zulk een project weldegelijk tot beter bestuur in België anno 2008? Zoals we weten is er in België niet echt een nationale éénduidige problematiek - en dit is niet alleen te wijten aan het feit dat de problematieken tussen de regio's zo verschillend zijn (vandaar ook steeds die nood aan staatshervormingen), maar tevens aan het feit dat de door de multicultuur-gecreëerde problematieken binnenin de regio's en gewesten op elk kleinschalig lokaal vlak de problemen ook nog eens sterk verschillend zijn.

Verkiezingen laten samenvallen heeft voor- en nadelen, maar de nadelen winnen het pleit.

Samenvallende verkiezingen hebben als voordeel dat men meer kans krijgt een langetermijnsbeleid te voeren. Er is immers meer tijd verstreken tussen de verkiezing en de afrekening. Dit is eerder een voordeel voor de bevolking bij de aanwezigheid van een goed beleid, maar een voordeel voor die overheid met een slecht beleid.

Samenvallende verkiezingen hebben als nadeel dat het beleid minder kans krijgt om verantwoording te moeten afleggen ten aanzien van de bevolking, om dezelfde reden dat er meer tijd is verstreken tussen de verkiezing en de afrekening. Dit is eerder een nadeel voor de bevolking bij aanwezigheid van een slecht beleid, en een voordeel voor doe overheid met een slecht beleid.

Dat voordeel 'dat een overheid met een goed bestuur gemakkelijker een langetermijnsbeleid kan voeren' valt echter toch te minimaliseren valt omwille van de kortzichtigheid van de heersende Belgische politieke klasse en de democratische politicus wat betreft langetermijnsdenken en omwille van het feit dat we leven in een tijd waar het langetermijnsdenken een beleid over een grotere tijdsspanne als de lengte tussen samenvallende verkiezingen benodigd.

Eigenlijk is mijn grootste argument tegen het samenvallen van de verkiezingen dat het een overwinning is voor het grootgrondgebied, en dus een overwinning voor het slechte bestuur.
Wanneer in belgië de verkiezingen niet samenvallen hoeft men bij het kiezen van de lokale besturen geen rekening te houden met de nationale machtsverwerving, en kan men aldus eventueel anders kiezen, in functie van de lokale problematiek. Het is aldus niet meer dan logisch om VOOR gescheiden verkiezingen te zijn, wil men er voor zorgen dat men een op de problematieken-aangepast lokaal bestuur KAN verkiezen zonder rekening te hoeven houden met de nationale machtsverwerving.